terug naar wegwijzer

 

 

30 nov - Dilemma onder vermogensbeheer

Een consument belegger die vertrouwde op een kleine vermogensbeheerder uit het zuiden kwam binnen een jaar tot de conclusie dat van zijn € 25.000 nog slechts € 3.000 over was. De consument schakelde Vermogensmonitor in en deze legde de klacht voor aan het tribunaal KiFiD (september 2015) (klachteninstituut Financiële Dienstverlening). Na een zitting doet de Geschillencommissie van het kifid maanden later een bindende uitspraak en wijst een schadevergoeding toe van € 25.000. Een prachtig resultaat derhalve. De Vermogensbeheerder heeft zich bij het KiFiD als “bindend” ingeschreven hetgeen betekent dat zij de uitspraken zal opvolgen wanneer een vergoeding wordt toegewezen. De Vermogensbeheerder in kwestie reageert echter niet op de betalingsverzoeken en sommaties. De consument stapt naar de rechter en deze heeft op 5 juli 2018 zijn vordering toegewezen, maar van een betaling is nog steeds geen sprake.
Wat kunt u doen om vooral het verhaalrisico te beperken?
Primair wilt u niet in de situatie belanden dat u de vermogensbeheerder moet aanspreken. Onze ervaring is dat juist bij grote partijen het risico op een ‘ongelukje’ groter is dan bij kleine partijen. Er zijn diverse redenen die wij hier even voorbij laten gaan. Het verhaalrisico is echter juist marginaal bij deze grote partijen. Er is, kort gezegd, “altijd afdoende geld”. Het feit dat deze grote partijen de beste advocaten inschakelen doet daar niet aan af. Dat is geen risico wat ons betreft. “Die kunnen we hebben” en doorgaans zijn de grote partijen best bereid om tot een schikking te komen. Vooral als de klacht mogelijk door een groot deel van de klanten kan worden ingediend. De grote partij wil dan vanuit schadebeperking de zaak afdoen. Anderzijds blijken de grote partijen erg kostbaar. De overzichten die we bijvoorbeeld van de ABN-AMRO recent weer onder ogen kregen laat het volgende beeld zien. Daar hebben we een nagenoeg vergelijkbare portefeuille (van dezelfde klant) die onder beheer is van een zelfstandige vermogensbeheerder (niet bank) naast gelegd.:
Weinig mutaties; speelt niet in op ontwikkelingen (buy and hold)
Veel eigen fondsen (AA-)
Lager rendement dan vergelijkbare portefeuille
Nagenoeg dubbel zo hoge kosten (1,59% voor dienstverlening + 0,72% als indicatie van de beleggingsproducten)

Een dilemma derhalve tussen groot en klein.
Vermogensmonitor heeft een oplossing waarmee onze klanten uiterst tevreden zijn. De oplossing is geen standaard oplossing, maar hangt af van verschillende aspecten, criteria. Tijdens een bezoek van circa een 45 minuten kunnen we u een pasklaar advies geven dat ook nog eens gebaseerd is op het principe no-cure-no-pay.

Medio november 2018 ging er opnieuw een vermogensbeheerder failliet. In dit geval Darion Wealth Management (Darion Capital Management). Het is een kwestie van tijd en dan volgen er meer. Vooral nu de VEB concludeert dat in Nederland het online vermogensbeheer te duur is. "De verschillen in kosten mogen groot zijn, eigenlijk is iedere oplossing gewoonweg duur", aldus de VEB. -->

terug naar wegwijzer
Niet iedere Vermogensbeheerder met een AFM-vergunning is geschikt. Vraag om een second-opinion als u vermogensbheer overweegt of uw vermogen aan een vermogensbeheerder hebt uitbesteed. Vermogensmonitor weet als geen ander waar de risico's zitten. Wij procederen dagelijks voor beleggers die de risico's te laat onder ogen kregen.